In elk stadion gelden tijdens Street League Lelystad dezelfde spelregels. Het is belangrijk dat alle betrokkenen goed op de hoogte zijn van de voetbalregels. De regels die hier staan, gelden voor de wedstrijden.
Spelregels
Algemene regels
In elk stadion gelden tijdens Street League Lelystad dezelfde spelregels:
- De wedstrijd duurt 2 x 20 minuten, zonder blessuretijd.
- Er wordt 5 tegen 5 gespeeld, inclusief keepers. Alle spelers zitten in de bovenbouw van het basisonderwijs, groep 6, 7 en 8. Een team bestaat uit minimaal 8 en maximaal 10 spelers. Op een wedstrijddag zijn er minimaal 5 aanwezig.
- Elke speler dient voorafgaand een spelerspas te laten zien. Bij twijfel mag de speler niet meedoen, tenzij er een geldig legitimatiebewijs wordt getoond dat voldoende uitsluitsel biedt.
- De wedstrijd staat onder leiding van één scheidsrechter en één wedstrijdbegeleider. De scheidsrechter heeft de eindbeslissing.
- Dichte schoenen zijn verplicht. Op het gras- en kunstgrasveld zijn voetbalschoenen toegestaan. Scheenbeschermers worden zeer aangeraden.
- Een team dat niet voldoende spelers (minder dan 5) op de been kan krijgen, dient zich af te melden bij de organisatie. Afmelden moet uiterlijk op de woensdag voorafgaand aan de wedstrijd. Bij tijdig afmelden volgt er een nieuwe speeldatum. Bij niet tijdig afmelden (na woensdag) gaan de punten naar de tegenstander.
- Als er niet is afgemeld óf als er te weinig spelers aanwezig zijn op de wedstrijddag zelf, dan volgt óók 10 punten in mindering.
- Alle spelers zijn ten minste 15 minuten voor aanvang van de wedstrijd aanwezig.
- De wedstrijd wordt afgetrapt door de uitspelende ploeg, de tweede helft door de thuisspelende ploeg.
- De organisatie is niet aansprakelijk voor eventuele blessures. Deelname is geheel op eigen risico.
Tijdens de wedstrijd
1. Keeper:
- De keeper mag meevoetballen, maar hij mag de bal alleen binnen zijn doelgebied (4 meter) met zijn handen oppakken als de bal van de tegenstander komt.
- Als de keeper een terugspeelbal met de handen oppakt, dan volgt er een indirecte vrije trap voor de tegenstander (ook in het eigen doelgebied). Oppakken met de handen mag wél in het eigen doelgebied als de bal met het hoofd of de borst wordt teruggespeeld.
- De keeper mag de bal buiten zijn doelgebied niet met zijn handen aanraken. Als dit wel gebeurt, dan volgt er een indirecte vrije trap voor de tegenstander.
- Uit de handen schieten mag niet. De keeper legt de bal eerst op de grond, rolt de bal in, of gooit de bal in. Als de bal uit de handen wordt geschoten, dan volgt eerst twee keer een waarschuwing. De bal gaat dan opnieuw naar de keeper. Bij een derde keer volgt er een penalty voor de tegenstander.
- De keeper mag nooit direct scoren uit een doeltrap. Als dit wel gebeurt, dan moet de doeltrap opnieuw worden genomen. Ook dan volgt eerst twee keer een waarschuwing. Bij een derde keer volgt er een penalty voor de tegenstander.
2. Bal uit het spel:
- Als de bal tegen hekwerk aankomt, dan gaat het spel gewoon door.
- Gaat de bal over of via het hekwerk buiten het veld dan wordt het spel hervat met het inschieten van de bal vanaf de grond. Het team dat de bal niet als laatst heeft geraakt, mag de bal uitnemen. Hierbij staat de tegenstander op minimaal drie meter afstand. De bal moet stilliggen tijdens het inschieten. Ligt de bal niet stil op het moment dat het spel hervat wordt, dan moet de bal opnieuw worden uitgenomen.
- Er mag niet rechtstreeks worden gescoord uit een intrap. De bal moet nog door een (mede)speler zijn geraakt, voordat de bal het doel in gaat.
- Gebeurt dit aan de achterzijde van het veld, dan is de bal voor de keeper of een corner (afhankelijk van wie de bal het laatst heeft geraakt). Bij een corner wordt de bal vanuit de hoek van het veld terug in het spel gebracht.
3. Doelpunt:
- Er is een doelpunt gemaakt, zodra de bal geheel de doellijn is gepasseerd. Na elk doelpunt wordt de bal in het midden opnieuw in het spel gebracht, waarbij elk team op de eigen speelhelft staat.
- Er mag alleen vanaf de helft van de tegenstander worden gescoord. Als er van eigen helft wordt gescoord, dan volgt een keeperbal voor de tegenpartij.
- Direct scoren mag ook uit een directe vrije trap of penalty. Uit een indirecte vrije trap mag niet in één keer worden gescoord. Als dat wel gebeurt, dan volgt er een keeperbal.
- Er mag niet direct worden gescoord uit een achterbal of uitbal. Gebeurt dit wel, dan is het een keeperbal voor de tegenpartij.
- De keeper mag ook scoren, maar alleen vanaf de helft van de tegenstander. Zie regels hierboven..
- De buitenspelregel wordt niet toegepast.
4. Overtreding:
- Grof spel en overtredingen, evenals grof taalgebruik, worden bestraft met een vrije trap en eventueel een gele kaart.
Een gele kaart heeft een tijdstraf van 3 minuten tot gevolg. Gedurende de tijdstraf mag de speler niet vervangen worden. Dit geldt ook voor de keeper. Op dat moment wordt een veldspeler voor 3 minuten de keeper. - Bij extreem grof spel en/of taalgebruik kan de scheidsrechter een direct rode kaart geven. De speler verlaat direct het veld en mag de hele wedstrijd niet meer worden vervangen.
- Slidings zijn niet toegestaan. Gebeurt dit wel, dan wordt er een vrije trap aan de tegenstander gegeven. Als dit in het penaltygebied gebeurt, dan volgt er een penalty.
5. Vrije trap en penalty’s:
- Een vrije trap wordt toegekend door de scheidsrechter en de spelers moeten 4 meter afstand houden. De bal ligt op ten minste 7 meter van het doel.
- Uit een vrije trap mag rechtstreeks worden gescoord, behalve als het een indirecte vrije trap betreft. Spelers mogen een muur vormen.
- Een overtreding binnen 4 meter van het doel betekent een penalty. Een penalty wordt genomen op 7 meter van het doel. De speler die de penalty neemt, heeft een vrije schietkans tegenover de keeper. Af te meten door 7 grote passen te nemen vanaf de doellijn.
6. Niet verschijnen van een team:
- Een team dat niet komt opdagen óf niet compleet is, verliest reglementair met 5-0. Een team is officieel niet verschenen, indien er een kwartier voor aanvang van de wedstrijd minder dan 5 spelers aanwezig zijn.
- Als een team wel komt maar niet compleet is, worden er 10 punten in mindering gebracht.
- Onderling kan worden besloten om de wedstrijd alsnog te spelen, maar dan als oefenwedstrijd.
7. Wisselen:
- Veldspelers mogen onbeperkt gewisseld worden.
- De keeper mag maximaal 2 keer per wedstrijd worden gewisseld, in de rust of vanwege een blessure.
- De inkomende speler wacht tot de speler die vervangen wordt het veld heeft verlaten.
- Bij één keer verkeerd wisselen volgt een waarschuwing. De tweede keer volgt een gele kaart.
Na de wedstrijd
- Na de wedstrijd geven spelers elkaar een hand of boks.
- Mocht er iets gebeuren dat niet in het reglement staat, dan doet de organisatie een uitspraak.
- De teamleiders zetten een handtekening onder het wedstrijdformulier.
Afmelden
- Bij minder dan 5 spelers voor een wedstrijd dient het team zich tijdig af te melden.
- Dit moet uiterlijk op de woensdag voor aanvang van de wedstrijd.
